de Hindimix
30 Nov '05 - 07:18 by wPimHet valt niet mee, lang van huis gaan. Je laat een hoop dingen achter, zoals bijvoorbeeld je eigen cd en mp3-collectie. Een paar maanden taal je er niet naar, maar op een bepaald moment vind je het toch wel lekker om weer een stevig potje onvervalste techno te horen. Als je er lang over nadenkt begin je te trillen en schuimbekken en bedenkt wat te doen. Aangezien ik mij in de minderheidsgroepering der I-pod-lozen schaar, biedt dat voor mij geen uitkomst. Internet kan een remedie zijn: je stemt af op een nonstop technozender of download een mp3-set en geniet. Maar in sommige landen is ook dat moeilijk. De meeste internetcafe's in Nepal zijn niet uitgerust met een koptelefoon en de verbindingen zijn te traag om muziek te downloaden. Daar sta je dan, trillend en met wit schuim op de lippen. Je struint de straten af op zoek naar bevrediging en houdt halt bij een luidspreker van een cd-shop die dance speelt. Je kruipt bij de speaker als warmde je je bij een kachel. Het biedt maar even soelaas, want je moet verder. Ook uitgaan is geen optie, want de discotheken spelen butmuziek. Ten slotte koop je een cd en beproeft je geluk in een ander internetcafe. Ze hebben koptelefoons maar geen cd-romspelerts. Naarstig struin je de harde schijf af naar mp3's. En dan vind je het: de 'Hindi muziek mix'. Ze heten dan wel geen Miss Kittin, maar de zingende Indiaase vrouwtjes met hoge stemmetjes en trommeltjes houden de verslaafde met ontwenningsverschijnselen weer een uurtje van de straat...
het Yak & Yeti
27 Nov '05 - 05:13 by wPimDe Nieuw-Zeelandse kerel met de gitaar, die we tijdens ons loopavontuur hebben ontmoet, heet Richard en zijn Australische vriendin heet Melanie. We trekken al een aantal dagen met ze op en vandaag, zaterdag, is Richard jarig en wordt 32 jaar. Reden voor een feestelijk bezoek aan het Casino Royale in het chique Yak & Yeti-hotel in Kathmandu. Tijdens de wandeling er naar toe kunnen we ons uiteraard niet permitteren geld aan een bedelend kind te geven, want waarschijnlijk komen we vanavond in dezelfde toestand als hij het casino weer uit. De oprijlaan van het hotel belooft wat, hier is het leven goed. Diverse beveiligingsmedewerkers heten ons een hartelijk welkom en de deur is open naar de wereld van Winnen en Geluk. Die Aziaten weten nog hoe een goed casino hoort te zijn: de entree is gratis, de minimuminzet aan de tafels is slechts 2 euro, je kunt gratis lekker eten en drinken tot je erbij neervalt en het is 24 uur per dag open. Martine vermaakt zich urenlang kostelijk met Blackjack en rode wijn, ik leer Carribean Stud Poker van Hans-Peter, een Duitser uit Bangladesh. Onder het genot van veel kippenpootjes en bier zie ik mijn stapel fiches lekker groeien.
Maar ook in dit casino slaat, zoals gewoonlijk, op een gegeven moment het noodlot toe. Iedereen verliest en de magie van het spel verdwijnt. Martine spreekt mij ernstig toe: "laten we ermee ophouden, anders jagen we ons dagbudget van morgen er doorheen". Ze heeft gelijk, laten we aftaaien. Ondanks ons verlies verlaten we voldaan het hotel. Waar kun je nog van zeven uur 's avonds tot een uur 's nachts spelen in een casino met gratis vreten en zuip en slechts 12 euro verlies? Buiten lachen we ons helemaal kapot: daar staat een extragratis taxi op ons te wachten. Service van het huis. Holland Casino is uit, Yak & Yeti is in!
de Himalaya
22 Nov '05 - 07:18 by wPim
De Himalaya laat niet met zich sollen. Als hij je niet moet, spuugt hij je uit, zonder pardon. Ook Martine hoorde bij de ongelukkigen. Tot een hoogte van 4200 meter ging het prima, maar vlak voor de Thorong-pas, in Thorung-Phedi (4540 meter), sloeg bij haar de hoofdpijn toe. Hoewel een nacht slapen in de steenkoude lodge geen verbetering bracht, begonnen we samen met de anderen om 4 uur 's ochtends aan de verrot zware klim naar 5400 meter. Na een uur puffen en steunen onder een kristalheldere sterrenhemel, kwamen we tot de conclusie dat het beter was de berg te respecteren en de pas te laten voor wat het was. De rest was al doorgelopen, maar dat hinderde niet. We wisten de weg terug en beneden was er thee.
dag 00, Besisahar, 760 meter
Samen met de Duitse psychiater Steffen (36) nemen we een taxi naar het busstation dat bestaat uit een stoffige hap stenen met oude rammelbussen erop. De taxichauffeur probeert ons met vuige smoezen te overtuigen dat er vandaag geen bus naar Besisahar gaat en dat we beter met zijn taxi kunnen gaan. Kost 25 euro. We bedanken uiteraard voor de eer en komen buiten tot de ontdekking dat er wel degelijk bussen zijn naar Besisahar en dat echt alle taxichauffeurs ter wereld eikels zijn. We gaan zitten in de bus en maken ons klaar voor een lange rit met een oude rammelbak vol rochelende Nepalezen. De bus stopt om de haverklap en ik raak lichtelijk geirriteerd als bedelende vrouwen nu zelfs in de bus komen om hun ambacht uit te oefenen. Eentje maakt het zo bont dat ze drie minuten op mijn rug blijft tikken en krabben om geld. Ik win, want de bus moet een keer verder. Steffen wordt aan de praat gehouden door een medepassagier die 150 roepies van hem wil. Dan komt er een oud gerimpeld vrouwtje de bus in die geen geld wil, maar wel mijn been. Ze neemt plaats op een krukje in het gangpad vlak naast mij. Na een vriendelijk 'namaste' gooit ze haar arm op mijn rechterbeen. Die arm zakt binnen twee minuten langs mijn balzak af naar mijn onderbeen, waar ze vervolgens haar twee kleverige handen stevig om mijn been vouwt. De bus komt plotseling tot stilstand, zodat 12 Nepalezen een kapotte band kunnen verwisselen met een nog slechter reserve-exemplaar. Voor mij de mogelijkheid om mij te bevrijden uit mijn netelige positie. Buiten kom ik tot de conclusie dat er 20 roepies uit mijn broekzak zijn verdwenen. De bus gaat verder en de vrouw probeert haar handtastelijkheden bij Steffen uit, iets wat mij beter bevalt. De bus komt aan en het hotel in Besisahar is het armoedigste wat we tot nu toe hebben gehad. Het kost dan ook 1,25 euro voor een double per nacht. Steffen ontdekt bedbugs in zijn kamer. Dat zijn een soort grote bruine teken die 's nachts op je kruipen en bloed uit je zuigen. Je gaat er niet dood van, maar toch. Bij ons zitten er geen, maar als ik 's nacht voor de zoveelste keer moet pissen, ontdek ik er toch een op de muur, in opmars naar een slapende Martine. Ik dood het kreng en woel tot het ochtendgloren in mijn gehuurde slaapzak.
Dag 01, Bahundanda, 1310 meter
Het eigenlijke lopen begint vandaag en dat geeft reden tot blijheid. Gisteren hebben Steffen, Martine en ik besloten om ons aan te sluiten bij Christina (26) en haar gids Zangboe. Christina is Duitse en werkt een aantal maanden in een weeshuis vlakbij Kathmandu, maar heeft nu vakantie. Na het ontbijt (eieren, eieren, eieren) en nog een busrit van ruim een uur gaan we dan eindelijk lopen. Ik draag mijn tas, gevuld met sokken, jassen, t-shirts en andere meuk voor Martine en mij. Het uitzicht is vanaf de eerste minuut spectaculair en we wanen ons in het paradijs, daar auto's en andere gemotoriseerd voor de komende twee weken uit het beeld verdwenen zijn. Massa's passerende ezels en dragers zorgen er hier voor dat ons eten op tijd in ons hotelletje aankomt. Die arme Nepalezen dragen soms wel zestig kilo op hun rug, van kerosineflessen en staaldraad, tot hele hokken met kippen. Na een makkelijke eerste etappe van vier uur lopen bereiken we Bahundanda. Op een groene heuvel vinden we Hotel-Superb-View-24-Hour-Hot-Shower. De douche is weliswaar steenkoud, maar de zon is nog warm en het bier smaakt Steffen en mij fantastisch. We kijken als goden uit over de vallei waar Nepalezen rijst oogsten en geiten gemoedelijk blaten.
Dag 02, Chamje, 1430 meter
Zes uur en dus tijd om op te staan. De spiegel buiten bij het wastafeltje vertelt mij dat ik er brak uit zie, maar dat kan ik verhelpen met een van de vele watervalletjes die we op onze weg tegenkomen. Het landschap lijkt nog mooier dan gisteren, maar dat komt ook doordat mijn tas minder knelt. In de talloze boerendorpjes die we passeren, lijkt het op het eerste gezicht wel of de tijd er vijf eeuwen is stil blijven staan, maar op het tweede gezicht blijken er altijd 'ice cold drinks', marsen, twixen en warme noedelsoepen verkrijgbaar te zijn. We prijzen ons gelukkig met de ruime aanwezigheid van zogeheten 'Soping-Centers', meestal slechts een houten keet met daarin alles wat een Westerling nodig heeft. Ervoor scharrelen geiten, kippen of een koe. De kinderen uit de dorpjes zijn behoorlijk verprutst door toerisme en vragen steeds om snoep of een pen, maar poseren in ruil daarvoor gewillig voor de camera. Dat levert schattige plaatjes op van Nepalese smoeltjes met snottebellen. Het lopen gaat met veel stijgen en dalen, maar van Martine hoor ik geen wanklank. Moe en voldaan komen we aan in Chamje, waar we snel moeten schrijven, lezen en wassen, anders is het donker en er is geen elektriciteit. Het wassen gaat mij prima af, daar ik een stuk waszeep voor weinig op de kop tik. Ik leer mijzelf de ambacht van het kleren wassen met ijskoud bergwater in een handomdraai aan. Thuis wil ik ook zo'n kleine betonnen wasplaats naast mijn huis, besluit ik. Mijn handen verstenen van de koude, maar ik kan ze weer warmen met pizza (deegkoek met champignons erin), bier en een potje Biggen bij het licht (toch wel!) van de carbidlamp.
Dag 03, Bagarchhap, 2160 meter
Het is een lange etappe vandaag, 7 uur buffelen. Ik ben eigenlijk veel te moe om iets op te schrijven en grijp in plaats daarvan naar een lekkere pot bier in de diningroom. Er loopt een kerel langs ons hotel met een gitaar(!) op zijn rug. Na een kort overleg met de andere trekkers in de lodge, ren ik naar buiten en haal de kerel, een Nieuw-Zeelander, over om in onze lodge te verblijven. Dat resulteert in een gezellig avondje met muziek, zang en blackjack met bebaarde Fransmannen zoals Emmanuel en Tom.
Dag 04, Chame, 2620 meter
De passerende draagezels worden steeds minder grappig. Als je stijgt in de bergen, vermindert de luchtdruk, waardoor er overtollige druk in je lichaam ontstaat. Die lucht verlaat het lichaam via scheten. Bij ezels werkt dit principe helaas hetzelfde. Al een kwartier loop ik pal achter een ezel waarvan de grote zwarte anus onder de staart vandaan prangt en lustig meevibreert mee op de maat van zijn tred. Om de stank en de geluidseffecten van het ruftende beest te ontwijken ga ik achteraan lopen. Gelukkig is Zangboe, de gids, heel wat gewend en hij trotseert de stank.
Dag 05, Pisang, 3190 meter
De tropische gewassen zoals bananenbomen en rijstvelden maken langzaam plaats voor naaldbomen. Zie je in het begin nog veel loof en sneeuwtoppen op de achtergrond, nu zijn de sneeuwtoppen min of meer op de voorgrond en is loof ver te zoeken. Het wordt nog erger: straks zien we alleen nog maar rotsen en sneeuw. De etappe zelf is vandaag niet al te moeilijk, want we lopen grotendeels over een vlak terrein. Vanaf het vliegveld op 3500 meter legt men namelijk een weg aan. Met de hand. Twintig mannen staan in een rots te hakken en wij stappen er overheen.
Dag 06 en 07, Manang, 3530 meter
Manang is een oase voor de trekker. Je kunt er alles krijgen wat je nodig hebt, zoals Pringles, zonnebrillen, Snickers, yakkaas, yaksteak (heerlijk na een week zonder vlees) en er is een bakkerij die zoete broodjes bakt. Er is zelfs een internationale telefoonverbinding voor slechts 5 euro per minuut. Fijn is ook de zonverwarmde douche in het Tilicho-hotel. Na deze verkwikkende verschoning rust ik uit op het dak van het hotel op een van de houten ligstoelen. Het uitzicht is adembenemend, want ik word omringd door de witte spitse bergtoppen van de Annapurna's. Terwijl ik mijn yakkaas op het dak verorber krijg ik gezelschap van een Nederlands stel van in de 60 met appeltaart. Zij zijn ook bezig met het circuit en zijn vol goede moed. De man weet op dat moment nog niet dat hij precies een uur later voor het telefoonoffice zal struikelen en keihard op zijn knieen zal vallen en per paard en vliegtuig terug moet naar Pokhara. Ik weet dat dan natuurlijk ook nog niet en we praten over reizen en dat de jeugd van tegenwoordig dat toch allemaal maar kan doen.
In Manang krijgt iedere trekker een gratis hoorcollege over hoogteziekte. De boodschap is simpel: hoe hoger in de bergen, hoe ijler de atmosfeer, dus hoe minder zuurstof er in de lucht zit. Dat betekent dat je vaker moet ademhalen en langzaam moet stijgen anders ga je kapot. In Manang, op 3530 meter, zit nog maar 67 procent van de zuurstof in de lucht tegen 100 procent op zeeniveau. Boven in de Thorung-pas, op 5416 meter, is er nog maar vijftig procent aanwezig. Sommigen kunnen daar niet tegen en worden ziek. Dat begint met hoofdpijn, maar wordt erger met kotsen, duizeligheid en warrigheid. Ten slotte exploderen je hersenen. Andere fijne mogelijkheid is dat de longen zich vullen met vocht. Gevolg: je kunt nauwelijks meer ademen, je hoest bloed en verdrinkt in je eigen longen. Om deze narigheden op grote hoogte te voorkomen moet je langzaamaan acclimatiseren. Maar dat is nog geen garantie. Er is wel een reddingshelicopter in het gebied, maar die kost 1000 dollar per uur. Zo, dat we dat even weten.
Dag 08, Yak Kharka, 4018 meter
Ik ben al een dag of twee kortademig, maar af en toe gaat het ook weg. Geen hoofdpijn of een van de andere symptomen, dus het zal wel loslopen.
Dag 09, Thorung Phedi, 4540 meter
De dikke truien, jassen, handschoenen en Tibetaanse wollen sokken komen tevoorschijn, want het wordt steeds kouder. Het lopen zelf gaat ons nog prima af. Aan het einde van de rit arriveren we in Thorung Phedi op 4540 meter en Martine krijgt hoofdpijn, het eerste symptoom van hoogteziekte. Hete thee, appeltaart en een nacht slapen helpen niet, de volgende ochtend heeft ze nog steeds pijn in haar hoofd. Maar verdimme, we zijn hier nu, en de top roept. We moeten met Christina en Zangboe mee gaan. Steffen komt iets later, want hij loopt met zijn inmiddels opgebouwde harem mee, bestaande uit Australische, Britse en Amerikaanse meisjes. Het is donker, 4 uur 's ochtends en ijskoud, maar we gaan. De eerste paar honderd meter gaan redelijk, maar Martine is al snel door haar adem heen en kan echt niet meer. Ik beloof haar een paard als we het hoge Base Camp halen, maar ook dat motiveert haar niet meer. De hoofdpijn zou daar immers slechter van worden. We gaan terug. Ik baal als een stekker, maar samen uit is samen thuis.
Dezelfde dag nog besluiten we het hele eind terug te lopen naar Besisahar, waar onze reis begon. Vandaag redden we het helemaal naar Manang, waar ik mijzelf wederom te buiten ga aan een overheerlijke yaksteak.
Dag 10 tot 14, van 4540 naar 800 meter
We krijgen er zin in om snel terug te lopen en extra lange dagetappes te maken als we ons beseffen hoe erg onze kleren en slaapzakken stinken. We verlangen naar een normaal hotel en een wasserette. De pas erin dus. We lopen zonder gids, maar ach, we kennen de weg en de dorpjes toch al. Bovendien is het met gids niet altijd veiliger, zo blijkt al snel. We komen er een tegen die ons met dubbele tong aanspreekt en staat te zwaaien op zijn benen. De toerist erachter verontschuldigt zich: "I'm sorry, he is a little bit tipsy."
Tweehonderd kilometer gelopen, maar uiteindelijk weer terug bij af, Pokhara. We hadden ons verheugd op het uitzicht over het meer tijdens het ontbijt, maar helaas is het mistig en bewolkt. We hopen dat dat over gaat. Een paar uur lopen hier vandaan zijn namelijk prachtige uitkijkpunten over de Himalaya. Het lijkt ons niet gegund. Daarom liggen we nu in ons hotelbed en staren doelloos naar het plafond. Wachtend op wat komen gaat...
het paradijs
06 Nov '05 - 12:03 by wPim
Een straf is het niet, logeren in Pokhara. De ochtendzon schijnt met een temperatuur van 25 graden op mijn bolletje en ik zak nog eens lekker achterover in mijn luie stoel op het dakterras waar ik net een lekker ontbijtje op heb. Als ik voor me kijk zie ik het stille meer van Pokhara, omgeven door groene bergen. Daarachter prangen de spitse, besneeuwde bergtoppen van de Himalaya omhoog. Een paar vogels vliegen op uit de palmbomen en tussen het tropisch struikgewas en in de graslandjes beneden staan kleine huisjes met golfplaten daken. Er spelen kinderen en er klinkt uit de verte Nepalese muziek met fluit en zang.
Toch weet ik dat als ik straks naar buiten loop, ik het weer voor mijn kiezen krijg. "Mister taxi, mister clothes, mister warm jacket, mister laundry, mister good food, mister juice, mister internet, mister nice buddha statue??" De plaatselijke bevolking is behoorlijk verprutst door het massatoerisme hier en de meesten zullen je alleen groeten met een vriendelijk 'namaste' als ze geld van je los proberen te peuteren. Tja. Ik probeer me te troosten met de gedachte dat ik hier eigenlijk vooral ben om voor te bereiden waar we voor kwamen: het voorbereiden van een trekking langs het Annapurna-gebergte. De slaapzakken, mutsen, handschoenen, dikke jassen, het thermische ondergoed en officiele permits, oftewel toegangskaarten tot het natuurreservaat zijn geregeld, dus morgen gaan we dan maar beginnen. Samen met Steffen, een Duitse arts die we hier hebben ontmoet, gaan we op pad voor het grote Annapurna-circuit. Na tien of dertien dagen lopen kunnen we in het plaatsje Jomsom besluiten om terug te vliegen naar Pokhara of verder te gaan voor nog eens tien dagen, maar dat zien we wel. Feit is, dat het op deze weblog voorlopig even rustig zal blijven daar we ons in de meeste hotelletjes langs de route gelukkig mogen prijzen als er uberhaubt electricteit is, laat staan internet. Even de computer uit dus, en jezelf vermaken.
Nepal
03 Nov '05 - 12:23 by wPim
Na
een hele lang reis zijn we dan eindelijk aangekomen in Kathmandu. Het
liep een beetje anders dan gedacht. We kwamen dinsdagavond ruimschoots
op tijd op het Imam Khomeini airport in Teheran voor onze vlucht. Al
snel bleek dat deze gecancelled was, waardoor we volgens de man van
Qatar-airways niet konden vertrekken. Morgen zou wel kunnen, maar we
vonden dat ze dan maar een hotel voor ons moesten regelen. De man ging
bellen en kwam met het voorstel om onze vlucht om te boeken. In plaats
van Teheran-Qatar-Kathmandu werd de verbinding
Teheran-Dubai-Qatar-Kathmandu. Erg omslachtig met drie keer vliegen,
maar dan konden we wel direct vertrekken en als we een dag zouden
wachten zouden we wellicht een probleem met ons Iraanse visum
krijgen, want dat liep af. De omslachtige manier dus maar. Eerst naar
Dubai, de hoofdstad van de steenrijke staat de Verenigde Arabische
Emiraten waar we nog 7 uur moesten wachten. Ik heb geld gepind we
hebben in het holst van de nacht rondrit door de stad
gemaakt, zodat we ons konden vergapen aan al die hypermoderne
gebouwen en wolkenkrabbers. 's Ochtends ging onze vlucht naar Qatar en
daar konden we vrijwel direct door naar onze vier uur durende vlucht
naar Kathmandu. We zijn in de vliegtuigen lekker volgepropt met gratis
eten, wijn en bier, dus dat was geen straf. Nu dus eindelijk
Kathmandu. Een totaal andere wereld waar je instapt na Iran... We
zitten nu in een leuk hotelletje in het centrum van de stad dat bestaat
uit een wirwar van talloze smalle straatjes met miljoenen shopjes, veel
riksja's en wierookgeur. Er is een nieuwjaars-festival gaande dus
overal branden kleine kaarsjes en voor het internetcafe waar ik zit
staan continue groepjes zingende en trommelende kinderen voor de deur
die een snoepje of een centje willen. Ik heb helaas alleen nog groot
geld en geen snoepjes op zak... Martine is gebroken en ligt te slapen,
ik straks ook, maar ik weet nu al dat we het in Nepal geweldig naar ons
zin gaan hebben...
slaap
12:01 by Martine
Een goed moment om van deze vrijheid te genieten krijgen we tijdens onze laatste busreis in Iran van Esfahan naar Teheran. Op de voorste rij hebben we een uitstekend uitzicht op de weg en we leven mee met de beslissingen van de chauffeur, wat een vermoeiende bezigheid is. Twee dames achter ons met een baby brengen enige afleiding, als een van hen me aantikt. Ik kijk om en zie dat de baby boven mijn hoofd bungelt. Eten probeer ik nog weleens af te slaan, maar een baby weigeren zou erg onbeleefd zijn. Ik probeer mijn onhandigheid met babies te maskeren, pak het kind aan en kijk er een tijdje naar. WP maakt een foto en na vijf minuten vind ik het acceptabel om het kind terug te geven. Ik til de baby boven mijn hoofd over de stoel heen en laat vervolgens de foto zien.
De rest van de reis is onze volle aandacht weer gericht op de weg en de chauffeur. Het wordt donker en het lijkt alsof de chauffeur steeds lakser in zijn stoel zit. De mensen om ons heen lijken zich niet druk te maken, maar wanneer ik zie dat de chauffeur het stuur misgrijpt en opschrikt, lijkt het ons toch tijd voor actie. WP vraagt een man om een praatje met de chauffeur te maken. Tien minuten later wordt gelukkig van chauffeur gewisseld. Driving good? vraagt hij nog met kleine rode ogen aan WP. WP heeft een andere mening, maar daar heeft de chauffeur geen oor meer voor.
diepe bitterheid
10:44 by wPim
Door wPim
Toen Ruhollah Khomeini tijdens de Islamitische revolutie van 1979 Iran rigoureus veranderde, realiseerden de meeste sympathisanten zich niet wat er te wachten stond. Nu, 26 jaar later, hebben sommigen ouderen spijt als haren op hun hoofd. Als ze van tevoren geweten hadden hoeveel restricties en taboes het almachtige islamitische regime met zich mee zou brengen, hadden zij zich misschien wel twee keer bedacht. Nu is het daarvoor te laat. De huidige regering zit sterk in het zadel en een nieuwe revolutie zal nog lang op zich laten wachten. Jongeren gaan niet naar de stembus en lijken de hoop op grote hervormingen verloren. "Het wordt tijd dat de VS ons aanvallen", zeggen zowel enkele ouderen als jongeren tijdens gesprekken met reizigers. Maar zelfs dat zal niet gebeuren, denken ze. In Iran verandert immers nooit iets.
Toch zijn er de laatste jaren voorzichtig wat 'versoepelingen' geweest. Zo is het sinds enkele jaren mogelijk om als man een shirt met korte mouwen te dragen en is de allesbedekkende sluier voor vrouwen, de chador, niet meer verplicht. Satelliet-televisie is officieel nog wel verboden, maar wordt gedoogd. Ook zijn er steeds meer 'westerse' artikelen te koop zoals discolichten, hoewel er de komende twintig jaar nog geen discotheek zal zijn om ze op te hangen. Een belangrijke verandering is de intrede van het, weliswaar gecensureerde, internet, waardoor westerse muziek en Holleywood-films op grote schaal verkrijgbaar zijn, zij het in het illegale circuit.
Mannen en vrouwen
Door deze massale aanwezigheid van het westerse gedachtengoed weten de jongeren precies wat ze missen: de vrijheid om te doen en te laten wat ze willen in hun alledaagse sociale leven. Een van de grootste problemen voor de Iranier is het leren kennen en de omgang met leeftijdgenoten van het andere geslacht. Clubs, bars en dergelijke uitgaansgelegenheden zijn ten strengste verboden, maar 'gemixte' prive-feesten en bijeenkomsten ook. Als de speciale moraalpolitie erachter komt dat er ergens zo'n feest wordt gehouden, maken ze er met harde hand een einde aan. Naast het officieele verbod bestaat er een sterke sociale controle vanuit de familie. Jonge vrouwen hebben geen schijn van kans om ongezien naar een feestje te gaan. Een student vertelde dat als hij een feest bij hem thuis zou organiseren voor al zijn medestudenten, zowel mannen als vrouwen, dat alleen mannen zouden komen. Ook een gezellig onderonsje tussen ongehuwde mannen en vrouwen in een ordinair theehuis is taboe. In enkele gelegenheden is zelfs een apart vrouwengedeelte, met een gordijn. Zelfs in de bus en metro is een separaat voor vrouwen. Een ontmoeting in het park is een van de beste opties om iemand van de andere sekse te ontmoeten, maar voorzichtigheid blijft geboden. Veel Iraniers zijn verwonderd als ze horen dat mensen uit het Westen 'elkaar al langere tijd kenden' voor hun huwelijk. Veel dertigers en veertigers zijn nog ongehuwd, omdat ze nooit iemand hebben leren kennen.
Werkloosheid
Wat veel Iraniers verder dwars zit is dat het enorm moeilijk is om een baan te vinden. Met name jongeren hebben hier moeite mee, omdat er een overschot aan jonge mensen in Iran is. Zelfs voor mensen die hebben gestudeerd is vaak geen perspectief. Vrouwen worden overigens geacht kinderen te krijgen en voor het huishouden te zorgen na hun studie. De slechte economische situatie en de werkloosheid maakt de bevolking verveeld en jaloers. Jaloers op de rijke oliestaten, waar iedereen meeprofiteert van de olie-opbrengsten omdat voorzieningen zoals gezondheidszorg en onderwijs goedkoop zijn. In Iran is dat niet het geval en vullen de religieuze leiders hun zakken met de opbrengst van de olie. De benzine in Iran is met 14 liter voor een euro het enige dat spotgoedkoop is, met als nadeel dat de steden vreselijk zijn vervuild. Met name gestudeerde Iraniers ambieren een baan in het buitenland, zoals in de VS of Europa, maar dat is in de meeste gevallen onmogelijk. Visa voor deze landen worden zeer spaarzaam verstrekt. Zelfs op gaan vakantie is enorm moeilijk, omdat er aan het te bezoeken land een borg van soms wel 10.000 euro moet worden betaald. Iraniers ervaren hun land dan ook wel eens als een open gevangenis.
Ideaal?
Al de beschreven problemen bij elkaar optgeteld, maakt sommige Iraniers behoorlijk moedeloos over de toekomst van hun land. En dan hebben ze het nog niet eens over het ontbreken van persvrijheid (alle kranten zijn pro-regering, anti-VS), het ontbreken van religieuze vrijheid (bijna onmogelijk om als moslim van religie te veranderen) en het verbod op alcohol. Andere Iraniers, zoals bijvoorbeeld devote moslims en moslima's vinden het vaak ook allemaal wel prima en laten geen wanklank over hun regering horen. De meningen lopen daarom zeer uiteen over wat er moet gebeuren met Iran. De een wil een westerse samenleving, de ander prijst de oude Persische cultuur en tradities en een derde wil nog steeds de Islamitische Republiek met misschien enkele versoepelingen. Deze verscheidenheid zorgt ervoor dat de huidige regering kan blijven doen wat ze doet: het verleggen van de aandacht van de binnenlandse problematiek naar buitenlandse zaken zoals het kweken van haat tegen Israel en Amerika. Het enige wat ontevreden Iraniers voorlopig kunnen doen is kijken naar videoclips van de sateliet, neusoperaties nemen, opium roken en teksten van Eminem uit het hoofd leren.
protest
01 Nov '05 - 13:22 by wPim