Respect voor de kleuterjuf
28 Jun '07 - 21:20 by wPim
Kleuters en ik boteren niet zo, denk ik altijd. Een onoverbrugbare levenskloof tussen de kleine naievelingen en de Grote Denker, zegt mijn vooringenomenheid mij. Of toch niet? Als je het niet ervaart, kun je het nooit echt weten. Ik zet mijn bezwaren aan de kant, verzamel mijn moed en stap dapper groep 1/2 binnen. Juf Moniek vindt het prima als ik erbij kom zitten in de kring. Snel pak ik een miniscuul stoeltje en installeer mij tussen de kinderen die mij met grote vissenogen aanstaren. De meesten stoppen daar na een minuut weer mee en gaan over tot de orde van de dag, maar er zijn ook enkele hardnekkige volhouders tussen die mij strak aan blijven kijken. Ik voel me er bijna ongemakkelijk door, maar laat niets blijken. Gelukkig weet de juf een zodanig pedagogisch veilig klimaat te scheppen dat zelfs ik mij geaccepteerd voel. Er gebeurt van alles in zo'n kring. Terwijl juf Moniek laat zien en horen wat er allemaal in de themakast zit die wordt gemaakt voor het project, lijken sommige kleuters alleen gebiologeerd door hun buurman of -vrouw. Een jongetje probeert bij zijn buurmeisje hoe ver hij met zijn vinger in haar neus kan. Twee jongens naast mij zitten in innige omhelzing en trekken tegelijkertijd elkaars hoofd bijna van de romp. Een klein jongetje met wallen onder zijn ogen hoest ongegeneerd en luid in het gezicht van een ander. Impulsief reageren ze op vragen van de juf. "Wie kent er iemand in groep 7?", luidt de vraag. "Ik! Mijn broer! Mijn Zus!", klinkt het luidkeels. Maar Juf Moniek heeft het perfect in de hand, want plotseling start ze een klapspel en zitten alle kleuters op het puntje van hun stoel om goed mee te doen. "Ik klap iets voor en jij klapt het na", zingt juf. De kinderen worden er direct rustig van. De juf blijkt een heel arsenaal aan dergelijke effectieve trucjes te hebben, zo blijkt later. Bij het commando "handen vast" doet iedereen de handen inderdaad vast en luistert aandachtig naar de volgende opdracht. Moet je op een vmbo eens proberen. Heftig word ik uit mijn overpeinzingen gerukt door een kind dat plotseling een flinke vlaag kots midden in de kring spuwt. Beteuterd kijkt het kind in het rond en veronschuldigt zich door te zeggen dat hij zich niet zo lekker voelt. Dat begrijpen we. Juf Moniek stuurt de kinderen naar buiten voor het speelkwartier en zet het zieke kind even aan een tafeltje om vervolgens de ouders te bellen. Vrijwillig ruim ik ondertussen de drek op met een oude handdoek. Een warm welkom voor meester WP. Terwijl ik zachtjes mijn eerste ervaringen bij de kleuters evalueer, begint het zieke kind zijn eerdere ervaringen aan mij te vertellen. "Ja, want eerst voelde ik mij ook ziek en toen hadden we een bedje in de poppenhoek gemaakt. Maar mijn moeder zegt dat je dan altijd 112 moet bellen. Als ze hoest doe ik dat altijd, 112 bellen." "Oh, is dat zo?", vraag ik, mijn wenkbrauwen fronsend. Aan verdere verhalen komt hij niet toe, want de juf komt alweer terug. Het kind wordt opgehaald en mijn opruimwerk gewaardeerd. Maar het meeste respect heb ik voor haar, de kleuterjuf. Zij weet iedere dag professioneel met dit soort situaties om te gaan. En ik? Voorlopig vlucht ik veilig terug naar mijn groep 4.
Fons (Email) - 07 Juli '07 - 22:44